Author Archives: Marjan

Rob (mijn personal trainer waar ik al meer dan 5 jaar mee train), heeft me het advies gegeven om niet aan de Strong Man Run deel te nemen. Boink. Ok. Hij had wel goede argumenten.

Ik heb nog nooit een survival run gedaan en weet niet hoe ik en mijn lijf op zoiets gaan reageren. De Strong Man Run positioneert zichzelf als de zwaarste ter wereld. Dat doen ze niet voor niets. Als ik dan een survival run wil doen, zou ik beter met een kleinere kunnen beginnen. En mijn lijf is nogal instabiel. Heb de laatste maanden steeds een blessure of een restant daarvan.

Rob heeft volkomen gelijk.

En toch ga ik het proberen. Ik ga niet voor de competitie met anderen. Ook niet tegen Sander, al zal ik het niet kunnen laten om hem flink te plagen. Net zo min als mijn 10 jaar jongere collega's. Ik ga voor de prestatie, voor het volbrengen van het parcours. Hoe langzaam ik dat doe maakt me niet uit. Met hardlopen evenementen kan ik het neerzetten van een PR toch nooit helemaal loslaten, met als gevolg dat ik te hard van stapel loop en mezelf voortijdig opblaas. Met de Strong Man Run heb ik nog helemaal geen PR, dus ook niets om te verbeteren. En dat is ook een reden om niet eerst een kleinere te doen. De andere daarvoor is dat ik het uiteindelijk wellicht vreselijk vind en besluit het nooit meer te doen. Dat doe ik dan liever na de Strong Man Run, dan na een kleiner evenement.

En, last but not least, ik ga dit niet bij voorbaat opgeven omdat het fout kan gaan. Ik ga het proberen. Als blijkt dat het fout gaat tijdens de training zie ik dan wel. En als het fout gaat tijdens het evenement, heb ik er in ieder geval alles aan gedaan om er een succes van te maken.

In 2007 ben ik begonnen met hardlopen. Plannen en training voor een marathon heb ik twee keer moeten staken. Er zijn zat mensen die op hun vijftigste marathon na marathon lopen, maar ik denk dat ik te lang niet gesport heb om dat met mijn lijf te kunnen.

Van blessure naar blessure lopen is geen lol. Hoewel ik nog altijd graag een marathon zou lopen om gewoon die prestatie neer te zetten, heb ik dat uit mijn hoofd gezet. Drie halve marathons op mijn naam is ook niet niks en dat heb ik er dan toch maar mooi aan over gehouden.

Kortere afstanden zijn ook leuk en kosten qua training een heel stuk minder en je kunt veel meer spelen met tempo en variatie. Ja, ja. Leuk. Ik kan alles blijven rationaliseren, toch blijft het neerzetten van een zware fysieke prestatie trekken.

Mijn broer wil zes keer de Alpe d'Huez op. Niet tijdens de Alpe de Huzes, maar gewoon met een paar maten die hem ieder 1 of twee keer naar boven helpen. En dan ook nog zes keer in twaalf uur. En de Mont Ventoux zes keer op een dag op staat daarna op het programma. Pfft.

En ik vat dat. Het heeft iets om jezelf tegen te komen. Kapot te gaan en toch door te zetten. Hard werken in de training en dan de beloning van een bijzondere prestatie. Iets wat niemand je meer afpakt en waar je nog jarenlang met voldoening en plezier aan terug kunt denken.

Ik heb mijn nieuwe uitdaging gevonden. Met dank aan Sander die het zelf "eigenlijk niet, maar toch een beetje wel" wil doen. Ook dat vat ik. Je wilt die prestatie neer zetten, maar je weet ook dat het pijn gaat doen en niet alleen tijdens het evenement.

Wat is mijn nieuwe uitdaging?

De Fisherman's Friend Strong Man Run NL 2012:

Volgens hun eigen zeggen "De zwaarste hindernisloop ter wereld". Er zijn al edities in verschillende landen en in 2012 komt hij voor het eerst naar Nederland. Een stukje korter dan elders, maar toch een respectabele afstand van 18 km, met daarin 23 hindernissen verwerkt.

Helemaal te gek!

Afgelopen vrijdag had Annemarie een stagiare bij zich. Geweldige gelegenheid om eens te kijken hoe Sofie reageert wanneer ze gevraagd wordt een wildvreemde op te sporen. En wat heb ik genoten van mijn malle meid.

We hebben eerst twee sporen gelopen waarbij Annemarie en Beaudine samen weggingen en Sofie de geur van Annemarie aangeboden kreeg. Het eerste van die twee was enigzins een drama. Op het moeilijkste punt in het bos (tochtgat tussen twee weilanden en een vijfsprong) hadden we het ongeluk een dame met vier kleine keffertjes te ontmoeten. Dat duurde dus wel even voor we die kwijt waren en we de vijfsprong echt konden gaan uitwerken. Vervolgens op een punt waar we aan het begin van het spoor al waren geweest, komen we een man met een "Kuifje hond" (Fox terrier) tegen, plus nog een speurende combinatie. Sofie deed het ongelooflijk goed. We moeten in die situaties wel wachten want Sofie kijkt bij vreemde honden behoorlijk de kat uit de boom en is niet geneigd door te speuren, maar zodra de anderen uit de buurt zijn, pakt ze het als een pro weer op.

Na die eerste twee spoortjes was Beaudine degene die het spoor uitzette en bleef Annemarie bij mij en Sofie. Dat vond Sofie overduidelijk bijzonder vreemd. Ze heeft het al wel eerder meegemaakt, maar alleen met mensen die ze al kende: Martin en Gerry. Ik kon haar niet op de geur van Beaudine geconcentreerd krijgen. Ze bleef maar vol verwachting naar Annemarie kijken. Annemarie kreeg het wel voor elkaar om Sofie de geur van Beaudine aan te bieden. Aarzelend en uitermate traag ging Sofie vervolgens op pad. Elke paar meter keek ze wel even om naar Annemarie die een eind achter ons meeliep. Elke afleiding (struik die interessant ruikt) was genoeg om Sofie in te laten houden. Annemarie heeft Beaudine toen maar gevraagd om een stukje terug te komen en dus het spoor korter te maken. Vijf meter voor de boom waar Beaudine zich achter verschool was Sofie nog steeds meer geinteresseerd in andere dingen, maar toen ze Beaudine eenmaal "spotte" (ongeveer anderhalve meter voor die boom), sleurde ze me ongeveer van mijn voeten.

Het tweede spoortje dat Beaudine uitzette, was een vergelijkbaar verhaal. Annemarie moest er aan te pas komen om Sofie geinteresseerd te krijgen in de geur van Beaudine. En in eerste instantie gingen we niet echt met een overtuigende snelheid door het bos. Maar dit keer werd ik de laatste 10 meter naar Beaudine toegesleurd. Ging dus echt bijna tegen de vlakte, zoveel vaart zette Sofie. Mijn voorspelling dat ze het spelletje de derde keer door zou hebben, kwam uit. Ok, Annemarie moest nog steeds de geur van Beaudine aanbieden, maar verder ging Sofie achter Beaudine aan met de verve waarmee ze anders achter Annemarie aan gaat. Geweldig!

Wat heeft Sofie afgelopen vrijdag hard gewerkt. Annemarie is de hei opgegaan. Dat is toch veel moeilijker dan een omsloten omgeving als het bos. Zelfs een heel open bos, dat moeilijker is dan een bos met veel struiken tussen de bomen,  is ten opzichte van een open omgeving als een heideveld, een relatief makkie.

Sofie heeft zich helemaal te pletter gezocht. Bij een Y-splitsing op de hei koos ze de linkerkant. Waarschijnlijk omdat de wind die richting uitstond en daar de meeste geur van Annemarie te vinden was. Fout dus. Ik geef steeds via de portofoon aan Annemarie door welke beslissingen Sofie neemt en had al te horen gekregen dat het niet goed was, toen Sofie zelf in de gaten kreeg dat er iets niet klopte.

Ze ging in eerste instantie steeds langzamer lopen, daarna begon ze te rivieren. Heen en weer lopen en her en der snuffelen om te proberen te achterhalen wat er aan de hand was. Ze heeft ook een tijd met haar hoofd hoog met de wind mee staan kijken. De radartjes kon ik op een meter of zeven afstand nog horen kraken.

Op het moment dat Annemarie over de portofoon meldde dat het wellicht tijd werd om Sofie terug te brengen naar de Y-splitsing, was madam zelf al tot die conclusie gekomen en op weg gegaan. Bij de splitsing heeft ze rond lopen snuffelen en weer, vlak voor we mijn speurneus in opleiding wilden gaan helpen, liep ze de rechterkant van de splitsing op.

In eerste instantie aarzelend, maar vlot met een steeds fermere pas was Sofie weer op weg achter Annemarie aan. Een honderd meter verder nam ze bij een kruising eerst zeer gedecideerd een scherpe bocht naar rechts, om vervolgens heel hard de andere kant op te gaan. Rechts was gewoon goed, dus wat haar bezielde hebben we niet kunnen achterhalen, maar ze is wel zelf weer terug de juiste kant opgegaan.

En toen was het een beetje op. Ze had zo hard gewerkt en nog was Annemarie niet in zicht. De teleurstelling en vermoeidheid waren bijna van haar rug te scheppen. Het was daarom heel belangrijk dat ze Annemarie toch zelf vond en haar beloning kon incasseren. Dat is gelukt, al heb ik haar een paar maal weer "aan het werk" moeten zetten.

De terugweg zou een makkie zijn volgens Annemarie. Dat heeft ze geweten. Sofie heeft me het bos door gesleurd. Ze ging zo zeker en snel achter Annemarie aan dat die op gegeven moment voor mij ruim in zicht was. Sofie had daar geen oog voor en denderde voort, niet in het minst gehinderd door het feit dat we het laatste pad bij het begin in tegengestelde richting hadden gelopen en dat halverwege hadden verlaten.

Prachtig om te zien na alle moeite die ze op de hei had gehad en gedaan. En ook ongelooflijk leuk om me te realiseren hoe ze een aantal weken in datzelfde deel van het bos nog een uitdaging vond, en er nu met drie nagels in haar neus doorheen stormde.

Wat een hond!

1 Comment

Ik snap iets niet. Toen Sofie en ik nog aan sportspeuren deden, werd er bijzonder moeilijk gedaan over het aantal sporen, het introduceren van bochten, verleidingssporen en andere ondergronden.

Twee spoortjes per keer was echt meer dan genoeg. En dan hebben we het, zeker in het begin, over spoortjes van, wat, 3 keer 10 meter? Het langste spoor dat we ooit bij het sportspeuren gedaan hebben was nog geen 200 meter (de lengte van een weiland nagemeten op afstandmeten.nl).

Een hoek moest eerst als een flauwe bocht. Scherpere dan haakse bochten moet je voorzichtig mee zijn want "je hond kan er zomaar wekenlang door van slag zijn." Een andere ondergrond dan weiland? Nee, dat komt pas veel later. Een hond leren om een spoor te volgen dat een (semi-)verharde weg oversteekt? "Daar moet je heel voorzichtig mee zijn. De eerste keren moet je ook echt het spoor voetje voor voetje stampend uitzetten zodat de modder goed uit je schoenen valt en ze iets hebben om te volgen." Een geasfalteerde weg oversteken? Zet dat nog maar een hele tijd uit je hoofd.

Sofie en ik hebben er, inclusief de proefles, nu 4 lessen proefspeuren opzitten. Vier lessen van een uur. Een uur lang één-op-één met een instructeur het bos in. Sporen instampen zoals je bij sportspeuren soms/vaak geleerd wordt? Geloof niet dat Annemarie daar voor te porren is. Die loopt gewoon in een flink tempo door het bos heen.

Verleidingssporen was Sofie volgens de instructeurs bij het sportspeuren nog niet aan toe. Nou, die heb je bij het praktijkspeuren vanaf de eerste minuut. Praktijkspeuren doe je in een openbaar bos. Dus mensen, fietsers, honden, paarden, wild, alles komt langs. En laten we het ook maar niet hebben over alle struiken en graspollen waar de viervoetige heren gebruik van maken. Afleiding eerste klas.

Twee spoortjes meer dan genoeg "want daar zijn ze helemaal moe van?" Ook dat gaat iets anders. Ik geloof dat we de eerste les wel 15 tot 20 spoortjes en sporen hebben uitgewerkt. Eerst een paar korte zodat Annemarie kon zien wat Sofie al kon en om Sofie te laten kennis maken met het idee dat we nu dus niet op een weiland met een platgetrapt spoor stonden.Sofie vond het best. Dus werden de sporen snel langer en waren uiteindelijk langer dan de meeste sporen bij het sportspeuren.

Bochten voorzichtig introduceren? En vooral niet scherper dan haaks? Ik kan er nu om lachen. In die eerste les hebben we onze eerste splitsing succesvol doorstaan. Bovendien was dat een Y-splitsing waarbij we de bovenkant van de Y volgden. Volgens mij is dat een super scherpe bocht.

De tweede les nog meer kruisingen en splitsingen. Eerst in tamelijk "gesloten" situaties: smalle paden met aardig wat struiken er naast. Allengs moeilijker in meer open situaties met bijvoorbeeld aan een zijde een open stuk land. Annemarie deed er ook maar meteen even een fietspad bij. Dat zijn we eerst overgestoken en in een later spoor zijn we erop gedraaid, hebben het enige tijd gevolgd en zijn er daarna weer vanaf gedraaid.

Allemaal geen probleem. Een uitdaging, maar geen probleem. En dan te bedenken dat ik Sofie in het algemeen meer hinder dan help. Ik heb haar van jongsafaan geleerd om op mij te letten en om in te houden wanneer er druk op de riem komt. Twee dingen die ze bij het speuren nou juist helemaal niet moet doen. Als ik dus niet goed oplet en teveel inhoudt of, erger, stil ga staan bij een kruising, dan ben ik degene die Sofie aan het twijfelen brengt. Haar eerste keus is namelijk meestal gewoon de juiste. En zelfs als ze door de verwaaiing eerst de verkeerde kant uitgaat, heeft ze dat binnen de kortste keren door.

De derde en vierde les waren helemaal interessant in vergelijking met het sportspeuren. Heb je bij het praktijkspeuren vanaf het begin te maken met allerlei verleidingssporen van anderen, vorige week kregen we te maken met verleidingssporen van Annemarie zelf. Die had een paar uur eerder met een andere cursist een aantal van dezelfde paden gelopen. Het was voor Sofie een aardige puzzel om uit te zoeken welke kant ze uit moest, maar ze heeft het elke keer zelf gevonden. Hooguit een beetje geholpen door bevestigend meelopen van mij kant maar eigenlijk alleen als ik haar eerst zelf aan het twijfelen had gebracht.

En dan vandaag. Sofie had in het begin wat moeite zich te concentreren, maar dat ging in de tweede helft van de les een stuk beter. Dus vond Annemarie dat ze het Sofie maar eens wat moeilijker moest maken. Nou dat hebben we geweten. Fietspad kwam vrij vlot in beeld, dat gevolgd, en daarbij een geasfalteerde weg overgestoken. Hoezo voorzichtig zijn met een verharde ondergrond? Tegen de wind in (ook zo'n hang up bij het sportspeuren) een paadje in draaien dat van een open veld af liep. Een kruising in een open stuk bos - waar je dus alle kanten op kunt lopen met een redelijke ondergrond en de paden niet echt gedefinieerd zijn. Annemarie vertelde over de portofoon dat we die kruising naderden en meldde dat ik moest opletten omdat die dus behoorlijk moeilijk is. Heb Annemarie gezegd dat ze dat nog maar even zelf aan Sofie moest uitleggen, want die had de bocht al genomen en was op weg naar de volgende splitsing.

Al met al geniet ik van het praktijkspeuren. Het is een feest om te zien wat Sofie allemaal kan en haar vertrouwen te zien groeien elke keer dat ze Annemarie weer heeft weten te vinden. Nee, ze krijgen mij met geen twintig paarden meer aan het sportspeuren. Praktijkspeuren is duizend keer leuker.

 

Sofie is mijn prachtige zwarte Labrador dame. Het was altijd de bedoeling dat ze mijn loopmaatje zou worden. Volgens alle adviezen hoor je daar mee te wachten tot een Labrador tenminste een maand of tien is. Bij Sofie is dat anders gelopen.

Toen ze zes maanden was heeft het er een tijdje naar uitgezien dat ze problemen met haar ellebogen had en daarom zo min mogelijk mocht stoppen of bochten draaien en zoveel mogelijk alleen rechtuit mocht lopen. Fietsen dus, of hardlopen. En omdat ik veel loop en hardloop werd dat dus hardlopen.

Uiteraard zijn we voorzichtig begonnen en hebben het langzaam opgebouwd. Ik loop zelf ook niet in het wilde weg, maar volg netjes een trainingsschema. Voor Sofie heb ik toen een tijdje dubbel gelopen. Eerst met haar en dan mijn training alleen afmaken. Ze kon en mocht steeds verder mee. Het was best interessant om te zien dat de natuurlijke aanleg van een hond om hele afstanden te draven zich ook lijkt te vertalen in een veel snellere opbouw van duurvermogen.

Sofie is nu mijn vaste trainingsmaatje. Los waar het kan, aangelijnd waar het moet. In de periode dat ik meedeed met de trainingen van REactive in Houten, ging ze ook altijd mee. Omdat mijn training het onhandig maakt om in een groep te trainen, lopen we nu weer vooral samen. Wel lopen we op woensdagavonden samen met Inge, mijn zus. Die is een paar weken geleden met hardlopen begonnen en een beetje gezelschap is dan meestal wel prettig.